| Hoofdstuk 11 Verpleging van de zieke hond |
| Een dier herstellende van een operatie of ernstige ziekte, zal in zijn eigen vertrouwde omgeving altijd minder problemen opleveren. Een rustige en vriendschappelijke sfeer is een belangrijke factor die het herstel kan bespoedigen. Honden zijn enorm gevoelig wat betreft de toon waarop tegen hen wordt gesproken. Degene die hem verzorgt moet daarom rustig, kalm en sympathiek de zieke hond benaderen en verzorgen. Een hond die als gevolg van zijn ziekte zijn mand bevuilt mag je nooit straffen. Het zien of horen van andere dieren, het lawaai van de straat, van kinderen en dergelijke werkt nadelig in op zijn geestesgesteldheid en je moet ze dan ook zoveel mogelijk vermijden. Een zieke hond heeft een mand nodig die ruim genoeg is om er uitgestrekt in te liggen. Schuimplastic manden met een gemakkelijk afneembaar dek zijn hiertoe uitermate geschikt. Voldoende oude kranten in de omgeving van de mand maken het opruimen van eventuele ongerechtigheden veel gemakkelijker. Warmte is noodzakelijk voor het zieke en herstellende dier. Vaak heeft een zieke hond behoefte aan een speciaal rantsoen. Zie hiervoor www.dierenartsonline.nl en vraag om Een ernstig zieke hond moet regelmatig worden gevoerd met kleine beetjes tegelijk. Verbanden en/of pleisters op een wond zal de hond op allerlei manieren trachten kwijt te raken, omdat ze vaak irriteren. Mosterd of iets dergelijks op het verband aanbrengen, zodat de hond er niet aan zal komen geeft echter nogal een smeerboel. Het verband moet tijdens regenachtige dagen zo goed mogelijk beschermd worden met een stuk plastic of een dekje wanneer je met hem gaat wandelen. Dit alles kan en moet in overleg met de dierenarts. |